De zorg die instort omdat niemand hem heeft gepland
Vrijwel elke opname die halsoverkop gebeurt, heeft dezelfde voorgeschiedenis: niet de patiënt is bezweken, maar degene die voor hem zorgde. Een dochter die griep krijgt, een partner die zelf geopereerd moet worden, een zoon die drie weken niet meer slaapt.
Tegen dat moment bestaat een reeks voorzieningen die zelden op tijd wordt gebruikt, omdat ze aanvoelen als toegeven. Ze heten anders, ze worden anders betaald en ze hebben elk een ander loket. Het loont om te weten welke u nodig hebt vóór u hem nodig hebt.
Drie vormen, drie loketten
Logeeropvang via de gemeente (Wmo). Enkele dagen tot enkele weken verblijf, om de mantelzorger te ontlasten. Loket: het Wmo-loket van de gemeente. Aanvragen kost tijd, dus dit is bij uitstek de vorm die u regelt vóór de crisis.
Eerstelijnsverblijf (ELV). Kortdurend verblijf met medische reden, betaald uit de zorgverzekering. Loket: de huisarts, die de indicatie stelt. Dit is de snelste route wanneer er een medische aanleiding is — na een val, na een ziekenhuisopname, bij een infectie die thuis niet te behandelen is.
Logeeropvang binnen de Wlz. Is er al een Wlz-indicatie en woont uw ouder nog thuis, dan kan kortdurend verblijf onderdeel zijn van het pakket. Loket: het zorgkantoor.
Wie zonder Wlz-indicatie is en geen medische aanleiding heeft, komt bij de gemeente uit. Wie in het ziekenhuis ligt, komt via de transferverpleegkundige het snelst bij het eerstelijnsverblijf.
Regel het voor u het nodig hebt
Dit is het hele artikel in één zin. Logeeropvang aanvragen op de dag dat het misgaat, werkt vrijwel nooit; aanvragen terwijl het nog gaat, werkt bijna altijd.
Praktisch
- meld bij de gemeente dat er een mantelzorger is en vraag naar mantelzorgondersteuning. Veel gemeenten hebben een mantelzorgmakelaar of een steunpunt, en die kennen de plaatsen in de regio;
- vraag de huisarts één keer, rustig, wat de route zou zijn als het morgen niet meer gaat. Dan bestaat het antwoord al wanneer u het nodig hebt;
- kijk welke woonzorglocaties in de buurt logeerplaatsen aanbieden en schrijf de namen op. Die informatie staat zelden overzichtelijk online.
De reden waarom families het niet doen
Zelden geld. Bijna altijd schuld. Een partner die vijftig jaar samen is geweest ervaart twee weken logeeropvang als verraad, en een dochter die het al jaren draagt vindt dat zij het hoort vol te houden.
Het feitelijke tegenargument is niet emotioneel maar praktisch: de mantelzorger die instort, veroorzaakt de spoedopname. En een spoedopname eindigt in de eerste plek die vrij is, niet in de beste plek. Twee weken adem nu, betekent volgend jaar kunnen kiezen in plaats van moeten accepteren.
Wat u meeneemt
Voor elke vorm van kortdurend verblijf hebt u hetzelfde nodig: identiteitsbewijs, zorgverzekeringspas, een actueel medicatieoverzicht, en de contactgegevens van huisarts en apotheek. Zonder het medicatieoverzicht wordt niemand opgenomen, ook niet voor drie dagen.
Leg die stukken één keer bij elkaar, digitaal én op papier. Dat mapje bespaart u later een dag telefoneren op het slechtst denkbare moment.
*Curalune ondersteunt bij het zoeken en oriënteren. Indicatie, toewijzing en vergoeding van kortdurend verblijf liggen bij de gemeente, de huisarts, de zorgverzekeraar of het zorgkantoor.*